Belichting van multiculturaliteit, zonder alarmbellen Annette Dielemans SpreekuurDe Varkensfabriek / 11 jan. 2007 Gezien in: Theater Bellevue
Een Marokkaans koffiehuis waarvan de eigenaar zojuist overleden is. Een door emoties overmande moeder. Drie zonen, de tweelingzusjes, de caissière en tevens vriendin van een van de zonen, haar vader, een gefrustreerde Surinamer, een Nederlander die in een sprinkhaan kan transformeren, een doofstomme rapper en nog een aantal andere figuren. Genoeg karakters om een heel ensemble bezig te houden. Of twee acteurs verschrikkelijk hard te laten werken.
Karim El Guennouni en Mohammed Azaay kiezen voor de laatste – op zijn minst uitdagende – optie. Eerder speelden zij De Varkensfabriek, waarin ze ook samen alle karakters speelden. In hun nieuwe voorstelling Het Spreekuur gaan ze net weer een stap verder. Meer personages, meer knipogen en vooral meer verhaal. Het Spreekuur vertelt het verhaal van drie zonen die vechten om de erfenis van hun pas overleden vader die een koffiehuis bezat. De jongste heeft een handicap en wil het koffiehuis verkopen en het geld gebruiken voor zijn heupoperatie. De middelste – Chackir – wil koffie blijven schenken in de traditie van zijn vader. De oudste zoon Tarik werd door zijn vader het huis uit gezet toen hij psychologie ging studeren en keert nu met tegenzin terug. Wat moet er met het koffiehuis gebeuren? En sterker nog: wat moet er met het lichaam van de overleden vader gebeuren, als blijkt dat er te weinig geld is om hem naar Marokko te vliegen en hem daar te laten begraven? Waar is eigenlijk het geld gebleven dat in een kluis zou zitten? En waarom is Rachid zo naarstig op zoek naar een asbak? Er ontwikkelt zich een heus drama dat een luchtje krijgt. Zowel letterlijk, als figuurlijk.
Afgelopen zomer werd speciaal voor theaterfestival De Parade een eerste versie van Het Spreekuur gespeeld. Een keur van verschillende – veelal lachwekkende – types passeerden de revue in een talkshow, waar ieder zijn verhaal deed. Grappig, maar zonder enig verband. In de avondvullende versie van Het Spreekuur komen dezelfde types terug als stamgasten in het koffiehuis, maar krijgen nu een functie in het verhaal. Of in ieder geval: ze krijgen meer opbouw en achtergrond. Meer functie dan het veroorzaken van een lach hebben de meeste stamgasten niet. Het Spreekuur zit helder in elkaar. Drie zonen met ieder eigen wensen en – al dan niet twijfelachtige – motieven, met alle gevolgen van dien. In de eerste scènes worden de broers gekarakteriseerd en gedurende de hele voorstelling blijven ze vasthouden aan de eerste principes, zonder al te veel ontwikkeling. De broers botsen en blijven botsen. Tot het onvermijdelijke – maar verrassende – einde. De duidelijke verhaallijn van Het Spreekuur is opgebouwd met scherpe dialogen en veel goede (woord)grappen. De typerende stamgasten van het koffiehuis geven de mogelijkheid om tussendoor wat zere plekken te raken, hetzij met een knipoog, een glimlach of zelfs een enkele schaterlach. Zoals de problematiek van de oudste zoon, die zijn studie psychologie glansrijk heeft afgerond en al jaren aan het solliciteren is, maar vanwege zijn Marokkaanse naam veelal niet eens wordt uitgenodigd voor een gesprek.
Vervolgens botviert hij zijn kennis op de vaste klanten van het koffiehuis, maar heeft hij zelf eigenlijk wel alles op een rijtje? Sterker nog is de Surinamer – gespeeld door Mohammed Azaay met een dik accent -, die een gloeiende hekel heeft aan Marokkanen in Nederland. En wel om die reden, dat de Marokkanen de positie van de Surinamers hebben overgenomen. De Surinamer voelt zich miskent. Omdat hij begroet wordt wanneer hij ’s nachts in een steegje tegen komt. Omdat niemand hem meer uitscheld voor “vieze roetmop” of iets soortgelijks. Hij wordt geaccepteerd. Het zijn de Marokkanen die nu gevreesd en uitgescholden worden. En dus moeten ze weg. Liefst zo snel mogelijk. “Want wij waren hier eerder”. Multiculturaliteit op het scherpst van de snede, maar met een dikke knipoog. Het Spreekuur belicht verschillende problematieke, maar enkel schemerend, zonder spots, knipperlichten en alarmbellen. En dat is ook wel eens fijn.
Opvallend in Het Spreekuur zijn de epische technieken die ingezet worden. Technieken waarbij even uit het verhaal gestapt wordt, om een en ander duidelijk te maken. Zo vertelt Mohammed Azaay in zijn eerste scène dat hij, wanneer hij door de deur binnen komt en een bril op zet de oudste broer is. Dat het eerste personage dat daarna binnenkomt de jongste gehandicapte broer Rachid zal zijn, gespeeld door Karim el Guennouni “maar later in het stuk zal ik ook Rachid spelen. Maar dat zien jullie dan vanzelf wel”. Door buiten het verhaal te beginnen maken beide acteurs duidelijk hoe zij zullen gaan spelen: dat ze alle personages zelf zullen gaan spelen en dat de toeschouwer dus op moet letten. Heel nadrukkelijk episch zijn ook de tweelingzusjes. Zij komen nauwelijks ter sprake maar functioneren als vertellers die Het Spreekuur in 3 aktes verdelen. Met verschrikkelijk zoetsappige muziek op de achtergrond blikken ze in rijm terug op wat er gebeurde, creëren een heuse cliffhanger door zich af te vragen wat er zal gaan gebeuren of beklagen zich over de geringe rol die zij in de voorstelling hebben gekregen. “Gelukkig kregen we nóg een zin van de auteurs. Waarom wordt dit gespeeld door zulke slechte acteurs?” Mooie manier van de auteur/acteurs om op deze manier commentaar te leveren op zichzelf en dus ook een garantie voor een open doekje, maar heel veel toevoegen doet het niet. Niet dat het stoort, maar veel meer dan nog een lachmoment geeft het niet.
Bepalend voor Het Spreekuur is ten slotte het decor- en lichtontwerp. Geen technische hoogstandjes of ingewikkelde decorwisselingen, maar een vast decor met verschillende deuren. Fysiek zien we één ruimte – de ruimte waarin de gasten van het koffiehuis zitten -, maar wanneer de acteurs door een van de deuren gaat ontstaat er voor de toeschouwer een heel duidelijk beeld van waar deze zich dan bevindt. Door die deur en ze staan op straat. Door die deur en ze staan in een gang met een trap naar boven. Door de meest rechtse deur het decor weer in en ze staan niet in de koffiekamer, maar in de slaapkamer van de moeder. Puur door middel van suggesties worden de verschillende ruimtes vormgegeven en geloofd. Subtiele veranderingen zijn daarin uiteraard ook van groot belang, en bepalend tevens de sfeer zonder echt nadrukkelijk aanwezig te zijn.
Alles bij elkaar is Het Spreekuur zeker een aanrader. Geen opgeheven vinger en toch ergens over gaan. Een avond om te grinniken en/of hardop te lachen, ook al zijn sommige ontwikkelingen personages wel erg cliché. Geen schokkend of diepgaand verhaal, maar een voorstelling die zeker getuigd van creativiteit. Voor wie na wil denken over de huidige maatschappij levert Het Spreekuur verschillende kwesties om over na te denken, voor wie dat niet wil is het gewoon een leuke avond uit. En dat is meer dan voldoende om de voorstelling te gaan zien.