Cadavre Exquis (English spoken with Dutch supertitles)
Dichterlijke vrijheden in Shakespeare-klassieker Annette Dielemans Romeo over JuliaREP Producties / 19 feb. 2009 Gezien in: Theater De Kom
Als er één stuk is van William Shakespeare dat vaak geënsceneerd, is dan is het Romeo en Julia wel. Ontelbare meer of minder geslaagde bewerkingen passeerden de revue, maar het stuk heeft nog steeds haar magie niet verloren. Je moet een flinke jongen zijn om van deze klassieker wéér iets nieuws te maken, een andere kant te kunnen belichten. Ook dit seizoen wagen meerdere producenten weer een poging. Waaronder REP producties met Marcus Azzini als regisseur, getiteld Romeo over Julia. En toegegeven: zo’n regisseur – en de slimme televisiereclames – wekken de nieuwsgierigheid. Tijd om dé Shakespeare-klassieker weer eens onder ogen te komen.
Het verhaal van Romeo en Julia behoeft weinig uitleg: de ontspringende en onmogelijke liefde tussen twee jongelingen, door naam gebonden aan rivaliserende families, met een onomkeerbaar en noodlottig einde is bij iedereen bekend. Romeo over Julia pretendeert de klassieker in de moderne tijd te sleuren waardoor “het meesterwerk alle zoete romantiek verliest”. En dat lukt grotendeels.
De voorstelling wordt gespeeld door Teun Kuilboer, Johnny de Mol, Tim Murck, Jorrit Ruijs en Kevin Hassing: 5 jonge hippe mannen die midden in deze tijd staan. Bij aanvang staan de heren al op het toneel ‘als zichzelf’, ze grappen en grollen met elkaar en heten bekenden – en de regisseur – welkom. Op een toneel óp het toneel, inclusief een stellage waar een theatertypisch rood gordijn achter hangt dat aan de zijkanten bediend kan worden, wordt een van de heren voor het blok gezet en zet de proloog in: we zijn duidelijk begonnen.
En meteen is ook duidelijk dat dit geen ‘normale’ voorstelling gaat worden. Wat ook wel te verwachten was met een regisseur als Azzini. De heren komen op met borden om te verduidelijken bij welke familie ze horen, bij het voorstellen van Mercutio wordt geroepen dat dit een hele goede vriend is van Romeo en “dit is belangrijk voor het einde van het verhaal” en wanneer Romeo moet opkomen, besluiten ze de rol met drie personen te gaan spelen en wordt uitgevochten wie het begin, het midden en het einde zullen gaan doen. En zo gaat het een hele tijd door. Oorspronkelijke Shakespeare teksten worden afgewisseld met commentaren en kritieken van de heren, zowel op de tekst als op elkaar. De vijf mannen spelen alle rollen dan ook in wisselende bezetting. In het begin worden rollen nog verduidelijkt door mooie kostuums, chapeau voor Johnny de Mol als moeder en Jorrit Ruijs als voedster, maar later valt dit weg en moet de kijker de rolwisselingen zelf oppikken. Soms duurt het even, maar het houdt de kijker scherp.
In het begin is het grap-en-grol-niveau van de voorstelling erg hoog en soms zelfs te veel van het goede, met te makkelijke grappen. Maar er zitten ook schitterende vondsten tussen, zoals de openingsscène van de strijdende Montecci’s en Capuletti’s die in deze versie verwikkeld zijn in een heus kussengevecht. Natuurlijk is ook de balkonscène een letterlijk en figuurlijk hoogtepunt. “Romeo” krijgt vanuit de zijlijn van zijn collega’s te horen dat hij harder moet spreken omdat zij hem al niet kunnen verstaan, laat staan het publiek. Vervolgens begint hij opnieuw, bijna schreeuwend en krijg hij van “Julia” te horen dat het maar overnieuw moet, en nu “met gevoel, zodat ik je gelóóf!”. En dan natuurlijk de kritische noot bij de bedscène, kan dat eigenlijk wel, kinderen van 15 – want zo heeft Shakespeare het geschreven – seks laten hebben? Gevolgd door een hysterisch rondrennende puberende Romeo; hij gaat seks hebben!
Het grootste deel van de scherpe wisselingen en leuke interventies zitten in het eerste uur à anderhalf uur van de voorstelling. De verwachtingen zijn hierdoor hoog en gespannen, maar naarmate het stuk meer naar het dramatische eind gaat blijven dezelfde mensen overwegend één rol spelen en nemen ook de grappen, grollen en ‘uitstapjes’ uit het verhaal beduidend af. Hierdoor zakt het geheel wat in en gaat de vaart uit de voorstelling. Wat overigens niet wegneemt dat het stuk niet meer interessant is. Met name Tim Murck zet als Julia een kwetsbaarheid neer, die haar honderd procent geloofwaardig maakt: en dat zonder grote jurken of opsmuk. Puur spel. Prachtig!
De eindscène staat mede door het spel van Tim dan ook lijnrecht tegenover het lollige begin. De laatste sterfscènes zijn klein, kwetsbaar en het komt aan: in de voorheen luid joelende zaal zou je een speld kunnen horen vallen. De lange stilte die volgt met daarna de epiloog – volledig in Shakespeare stijl - levert kippenvel op. Shakespeare zou zich waarschijnlijk in zijn graf omdraaien door deze bewerking, mede door de heftige ingrepen en delen van de tekst die in het oorspronkelijke verhaal uitleg en poëtische hoogtepunten zijn die in Romeo over Julia schaamteloos geschrapt worden. De verhouding tussen het hysterische begin en het trage einde is niet helemaal goed. Maar verder? De vijf heren zijn goed op elkaar ingespeeld en spelen met souplesse met de tekst en met elkaar. Er zitten schitterende vondsten in de regie van Marcus Azzini. Deze versie vol “dichterlijke vrijheden” zet de “kracht van de verbeelding” – zoals zij het op het toneel noemen – juist in en het werkt. Romeo over Julia is absoluut een frisse blik op een bekende klassieker en ook al zal het niet iedere Shakespeare-liefhebber kunnen bekoren, voor jongeren is deze versie zeker een aanrader.